De Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) heeft aanbevelingen gedaan voor de ontwikkeling van griepvaccins, gericht op het griepseizoen 2026-2027. Deze proactieve stap komt naarmate het huidige seizoen voortduurt, waarbij wereldwijd al aanzienlijke ziektegevallen en sterftecijfers zijn gemeld. De aankondiging van de WHO signaleert een verschuiving in de richting van voorbereiding op zowel verwachte als potentiële pandemische spanningen.

Belangrijkste aanbevolen soorten

Fabrikanten van vaccins is geadviseerd om prioriteit te geven aan stammen, waaronder:

  • Influenza A (H1N1), beter bekend als de varkensgriep.
  • Influenza A (H3N2), een ander veel voorkomend A-subtype.
  • Influenza B (Victoria-lijn), een veel voorkomende variant van de B-stam.

Naast deze standaardaanbevelingen dringt de WHO aan op de voorbereiding van kandidaat-vaccinvirussen voor de H9N2-vogelgriep, waarbij zij het potentieel voor zoönotische overloop en toekomstige pandemieën onderkent. Deze nadruk op de vogelgriep weerspiegelt de groeiende bezorgdheid over de overdracht van griepvirussen van dier op mens.

Impact van het huidige seizoen

Het griepseizoen 2024-2025 was al ernstig: de Amerikaanse Centers for Disease Control and Prevention (CDC) rapporteerden ruim 25 miljoen ziekten en 20.000 sterfgevallen, waaronder 79 kinderen. De hoge ziekenhuisopnamecijfers worden deels veroorzaakt door de opkomst van een nieuwe variant, subclade K, die blijk geeft van enig vermogen om de bestaande vaccinbescherming te omzeilen. Dit benadrukt de constante evolutionaire druk op griepvirussen en de noodzaak van voortdurende updates van vaccins.

Risico’s van zoönotische griep en toekomstige vaccins

De WHO meldt sinds september vorig jaar ook minstens 25 gevallen van influenza bij mensen, die zijn opgelopen door dieren, voornamelijk door blootstelling aan besmet vee of besmette omgevingen. Hoewel de overdracht van deze zoönotische stammen van mens op mens beperkt blijft, benadrukt de organisatie de paraatheid.

Het landschap van griepvaccinatie kan binnenkort veranderen, aangezien de Amerikaanse Food and Drug Administration (FDA) nu een door Moderna ontwikkeld mRNA-griepvaccin beoordeelt. mRNA-vaccins, die bewezen effectief zijn tegen COVID-19, bieden een snellere productie en aanpassing aan opkomende varianten – een cruciaal voordeel bij het reageren op stammen als subclade K die verschijnen nadat de seizoensinjecties al zijn uitgedeeld.

De preventieve vaccinrichtlijnen van de WHO en de evaluatie van mRNA-technologie tonen een engagement aan voor zowel de onmiddellijke behoeften op het gebied van de volksgezondheid als de paraatheid voor een pandemie op lange termijn.

De voortdurende evolutie van influenzavirussen onderstreept de noodzaak van voortdurend onderzoek, toezicht en flexibele vaccinproductiestrategieën om de mondiale dreiging van seizoens- en pandemische uitbraken te verzachten.